spierblessure

Een spierblessure, en wat dan?

Een spierblessure is een veelvoorkomend probleem. Hoe ga je hiermee om anders dan alleen maar ‘rust’? Een spierblessure ontstaat vaak tijdens een (sport)inspanning en ‘schiet er in’. Het is belangrijk te beseffen dat er verschillende spierblessures zijn te onderscheiden, ieder met zijn eigen aanpak. Een goede (sport-) fysiotherapeut zal u helpen in optimaal herstel.

Een kramp in de spier of delen daarvan, geeft geen langdurige klachten, maar is wel vaak een voorbode. Kamp behandel je aanvankelijk met rustig rekken, massage en eventueel een magnesium supplement. Het herstel is meestal in enkele dagen. Soms blijven vezels van de spier verkrampen (Triggerpoints?) en kan de klacht weer terugkomen of alsnog verergeren.

Een overrekking (strain) is een lokale pijn die langer blijft bestaan. Koel zo snel mogelijk. Na 24 uur kan warmte en massage worden gegeven. Het herstel is doorgaans binnen twee weken.

Een scheurtje in de spier kan klein of groot zijn en op een echo zichtbaar zijn. Eerst zo snel mogelijk koelen (interne bloeding stelpen). Daarna een drukverband of brace is dan wenselijk om de wondranden bij elkaar te houden, wat het herstel aanzienlijk versnelt én de vorming littekenweefsel (zwakke plek, kans op later opnieuw scheuren!) beperkt. Rust of crosstraining is dan wél wenselijk. Rekken niet! Het herstel duurt doorgaans ca. 6 weken.

Een beschadiging als deze kan ook tussen de spier en het omliggende bindweefsel (fascie) ontstaan. De pijn is dan vaak in een iets uitgestrekter gebied. Dán is rust en immobiliseren juist niet gewenst, maar moet (met geringere belasting) juist wel bewogen en gerekt worden om verklevingen te voorkomen. Een foam roller of zelfmassage met een balletje is nu wel raadzaam om de boel los te houden. Verwaarlozing van deze verkleving leidt tot steeds weer terugkomen van de klacht, een slechtere voedingstoestand van de spier en mogelijk (hierdoor) op termijn toenemende kans op een spierscheur (op echo zichtbaar).

Na het herstel van het weefsel zal het lichaam eerst met littekenweefsel de beschadiging ‘opvullen’. De vezels liggen dan nog niet gerangschikt in de richting van de krachtlijnen van de spier. In deze fase kan met dwarse mobilisaties of massage (fricties) én geleidelijk toenemende belasting het weefsel zich tot volledige trekkracht herstellen. Een controle echo zal dit bevestigen.

Hoe voorkom je een blessure? Rek regelmatig, zeker als de spier wat dreigt te verkorten of wat strammer aanvoelt (en dat weet je door te rekken!). Als je veel van de spieren vraagt (zware trainingen, wedstrijden) is af en toe een sportmassage raadzaam. Doe ook regelmatig wat (functionele) krachttraining voor de spieren. En… analyseer het ontstaan van de blessure, zodat je je niet twee maal aan dezelfde steen stoot.