Rug en Bekken

Het bijzondere aan de gewrichten en dus ook aan de wervelkolom is dat deze stevig èn beweeglijk behoren te zijn. Naast de bouw van een gewricht wordt stabiliteit verkregen door het kapsel en de banden rond het gewricht (passieve stabilisatoren). De spieren geven, onder controle van het zenuwstelsel, de zgn. actieve controle’. Hierbij valt de actieve controle weer te splitsen in de lokale (dicht bij het gewricht gelegen) en de globale (verdere van het gewricht gelegen) spieren. Je zou kunnen stellen dat er spieren zijn die de stevigheid van de wervelkolom verzorgen (de lokale stabilisatoren) en spieren die de wervelkolom moeten kunnen bewegen.

(Discogene) instabiliteit
Onder omstandigheden kan het voorkomen dat de lokale stabilisatoren niet goed werken, bijvoorbeeld door: inactiviteit van deze spieren, verstoring van het (sympatisch) zenuwstelsel, stress, slechte houding, eenzijdig gebruik van spieren, wervelblokkeringen en tussenwervelschijfproblemen. Als de lokale stabilisatoren slecht werken, kunnen problemen in de stabiliteit en beweging in het gewricht ontstaan; ‘instabiliteit’. Het is dan zaak om met de juiste oefeningen de lokale stabilisatoren te bereiken, om de balans tussen lokale stabilisatoren en globale spieren te herstellen.
Bij de wervelkolom speelt nog een andere factor mee, die grote invloed heeft op de stabiliteit, nl. de tussenwervelschijf. Als deze kwalitatief minder wordt zal dat de stabiliteit verminderen, zeker als hij door degeneratie ook nog eens in hoogte afneemt. We praten dan over een specifiekere vorm van instabiliteit; de ‘discogene instabiliteit’. Juist onder deze omstandigheden dienen de lokale stabilisatoren goed te functioneren. Je zou dan kunnen zeggen dat de lokale stabilisatoren de discogene instabiliteit kan ‘compenseren’. Een bijkomend probleem van discogene instabiliteit zijn de schuifkrachten en het verkleinen van de ruimte (zie cirkel), waarin o.a. zenuwen en bloedvaten lopen.
De lokale stabilisatoren.
Zoals we gezien hebben zijn het juist de lokale stabilisatoren die bij instabiliteit voor de stabiliteit moeten zorgen. Instabiliteit komt o.a. voor bij slechte houding zoals naar voren hangende schouders, afstaand schouderblad, naar voren staand hoofd en vergrote bolling van de bovenrug, al dan niet met wervelblokkeringen.

Bekkeninstabiliteit? Bekkenpijn? Bekkenklachten?
Veel vrouwen krijgen, vaak tijdens of na een zwangerschap, last van pijnklachten in bekken en/of onderrug (achterzijde been en bekken, bilregio, schaamstreek, lies).
De klachten kunnen optreden tijdens vele dagelijkse activiteiten, zoals lopen, bukken en tillen, huishoudelijk werk, verzorging van kinderen, omdraaien in bed, etc.
Naast de pijn is er vaak sprake van vermoeidheid en onvermogen om bepaalde activiteiten of houdingen enige tijd vol te kunnen houden. De pijn en beperkingen kunnen veel problemen veroorzaken, zowel fysiek als ook emotioneel en psychisch.
Het bekken heeft in het lichaam een sleutelfunctie bij het overbrengen van krachten tussen romp en benen (“load transfer”). Deze krachtenoverdracht kan verstoord raken (bijv. o.i.v. hormonen, niet tijdig aanspannen van stabiliserende spieren of mechanische problemen tijdens zwangerschap of bevalling) en tot eerder genoemde klachten leiden.

Het SI gewricht
Het bekken kent aan de achterzijde twee gewrichten, die we niet bekkengewrichten noemen, maar de ‘SI gewrichten’. Dit om verwarring te voorkomen met het voorste ‘bekkengewricht’ dat het symfyse wordt genoemd (berucht bij een vorm van bekkeninstabiliteit; symfysiolysis).
Het sacro-iliacaal gewricht (SI-gewricht) bevindt zich in het bekken tussen het heiligbeen (Sacrum) en de darmbeenderen (Iliaca) van het bekken. De functie van het SI-gewricht is vooral het toestaan van beweging tussen de bekkenhelften, bijvoorbeeld tijdens het lopen. Een groot deel van deze draaikrachten worden door het SI gewricht opgevangen. Als het SI gewricht (meestal aan 1 kant) vast zit ontstaat overbelasting en irritatie in gewricht, banden, maar ook ontstaat een andere bekkenstand (verwringing) en op den duur ontstaat overbelasting in de boven het heiligbeen gelegen lendenwervels die nu deze voor hen ‘vreemde’ krachten moeten opvangen. Niet zelden leidt dit weer tot lage rugklachten met mogelijk ook een discopathie (tussenwervelschijf klachten). Immers de discus is niet goed in staat deze steeds repeterende draaikrachten op te vangen.

Bij ons worden uw klachten op deskundige wijze onderzocht en worden oorzakelijke en herstelbelemmerende factoren geanalyseerd. Zo zullen wij onder andere kijken naar niet goed functionerende gewrichten (onderste rugwervels, bekken, SI-gewrichten), een niet goed functionerend spierstelsel (coördinatie, lokale stabiliteit), pijnfactoren (pijngedrag), psychologische factoren (o.a. bewegingsangst) en de algemene conditie.
Aan de hand van dit uitgebreide onderzoek kan voor U een persoonlijk behandelvoorstel worden gemaakt. Hierbij kan o.a. gebruik worden gemaakt van Manuele Therapie, Fysiotherapie, Therapeutisch Fitness (TheraFiT), Pijnbehandeling, en Vibratie training.

Helaas is het niet mogelijk u op voorhand te informeren over de exacte behandeling en tijdsduur omdat dit sterk individueel verschilt en van vele factoren afhankelijk is.
Uit jarenlange ervaring blijkt echter dat een gemiddelde klacht in enkele maanden volledig of voor een aanzienlijk deel kan herstellen.